De Krakeend is ongeveer 50 tot 60 cm groot en heeft een opvallende groene kop bij het mannetje. Het vrouwtje is bruin en minder opvallend, met een lichte vlek bij de snavelbasis. Jonge vogels lijken op het vrouwtje, maar zijn iets lichter van kleur. De Krakeend kan verward worden met de wilde eend, maar de groene kop en de spikkelige borst zijn duidelijke onderscheidende kenmerken.
De Krakeend komt voor in zoetwatergebieden zoals meren, rietvelden en rivieren. De vogels voeden zich voornamelijk met waterplanten, zaden en insecten. De broedtijd begint in april en de vrouwtjes leggen gemiddeld 8 tot 12 eieren in een nest dat vaak tussen het riet is gebouwd. Krakeenden zijn trekvogels en verplaatsen zich in de herfst naar zuidelijkere streken.
In Nederland en België zijn Krakeenden vooral te zien in de lente en de zomer tijdens het broedseizoen, en als trekvogels in de herfst. Ze zijn algemeen in geschikte leefgebieden, vooral in de grote wateren en moerassen. Tijdens de wintermaanden zijn ze vaak in kleinere aantallen zichtbaar in de oostelijke en zuidelijke delen van Nederland.
De Krakeend heeft een gunstige beschermingsstatus en is een soort die niet met uitsterven wordt bedreigd. De populatie fluctueert, maar over het algemeen is deze stabiel in Nederland en België. De belangrijkste bedreigingen zijn habitatverlies door stedelijke ontwikkeling en watervervuiling.