Ichthyaetus melanocephalus
De Zwartkopmeeuw heeft een wit lichaam met donkere vleugels en een kenmerkende zwarte kop in het zomerseizoen. Tijdens de winter is de kop wit met een smalle zwarte oogstreep. Mannetjes en vrouwtjes zijn vrijwel identiek in uiterlijk, maar jonge vogels hebben een meer vlekkerig verenkleed. Ze kunnen verwarrend zijn met andere meeuwensoorten, zoals de Zilvermeeuw, maar zijn gemakkelijker te herkennen aan hun zwartgekleurde hoofd en iets smaller uiterlijk.
Zwartkopmeeuwen geven de voorkeur aan vlakke, open gebieden nabij zoetwaterlichamen, zoals meren, plassen en rivieren waar ze hun voedsel kunnen vinden. Hun dieet bestaat voornamelijk uit vis, schaaldieren en insecten. Deze soort nestelt in kolonies op zandbanken of op het land en legt meestal drie tot vier eieren. Ze vertonen trekgedrag, waarbij ze in de winter naar warmere gebieden trekken, maar enkele vogels zijn ook in Nederland en België tijdens het winterseizoen te zien.
In Nederland is de Zwartkopmeeuw voornamelijk te zien van april tot augustus tijdens het broedseizoen, vooral in de zuidelijke delen van het land. In België komt de soort soortgelijk voor, maar is over het algemeen zeldzamer. De Zwartkopmeeuw is nog niet algemeen, maar er zijn diverse broedkolonies aanwezig en soms kan je individuen waarnemen tijdens hun trek.
De Zwartkopmeeuw geniet relatief veel bescherming, maar er zijn zorgen over hun broedhabitat door menselijke verstoring en milieuveranderingen. De soort staat onder druk door habitatverlies en concurrentie met andere meeuwen. De huidige trend van de Zwartkopmeeuw in Nederland en België is onbekend, maar de populaties fluctueren.