Fulmarus glacialis
De Noordse stormvogel is een robuuste zeevogel met een lichaamslengte van circa 45 cm en een spanwijdte van ongeveer 1 meter. Hij heeft een dikke, stevige snavel met een buisje bovenop voor het uitstoten van zout. Beide geslachten zijn gelijk in uiterlijk, met een grijze rug, witte onderzijde en een lichte kop. Er bestaat een donkerder vorm die minder wit heeft en meer grijs, voornamelijk te zien in noordelijke gebieden. De soort kan worden verward met andere stormvogelachtigen zoals de Kleine pijlstormvogel, maar onderscheidt zich door zijn rustige en gelijkmatige zweefvlucht.
De Noordse stormvogel leeft voornamelijk boven open zee en is goed aangepast aan mariene omgevingen. Hij voedt zich met vis, weekdieren, aas en afval, vaak door het drijvend op het wateroppervlak op te pikken. Het broedseizoen vindt plaats op rotskusten waar hij in kolonies nesten maakt. Na het broedseizoen verspreiden de vogels zich over grote afstanden op zee, waarbij ze individueel of in kleine groepen bewegen.
In Nederland en België is de Noordse stormvogel regelmatig te zien langs de kust, voornamelijk in het koude jaargetijde of na stormen. Hij behoort niet tot de zeer algemene soorten, maar is ook niet uitzonderlijk zeldzaam. Waarnemingen doen zich voornamelijk voor langs de Noordzee en in zeegaten zoals de Oosterschelde.
De Noordse stormvogel staat niet bekend als ernstig bedreigd. Lokale populaties kunnen echter gevoelig zijn voor verstoring van broedgebieden, vervuiling en visserijactiviteiten. Microplastics in zee vormen ook een potentiële bedreiging voor deze soort.