Sylvia borin
De Tuinfluiter is een middelgrote zangvogel, ongeveer 15 tot 17 centimeter lang. Hij heeft een bruine bovenkant en een lichte onderzijde met een lichte, vaak gelige, buik. Mannetjes en vrouwtjes zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden. Jonge vogels zijn vaak meer gevlekt en minder kleurrijk. De Tuinfluiter kan verward worden met vergelijkbare soorten zoals de Zwartkop of de Grasmus, maar onderscheidend is zijn karakteristieke fluitende zang.
De Tuinfluiter komt voor in loofbossen, hagen en tuinen, waar voldoende dekking is. Het dieet bestaat voornamelijk uit insecten, bessen en fruit. De voortplanting vindt plaats in het voorjaar, waarbij het vrouwtje een nest bouwt in dichte vegetatie en meestal 4 tot 5 eieren legt. De soort is deels trekvogel en verlaat Nederland in de winter om naar warmere gebieden te trekken, voornamelijk naar het zuiden van Europa.
In Nederland is de Tuinfluiter vooral te zien van april tot augustus, wanneer ze broeden. Ze zijn redelijk algemeen in het westen en zuiden van het land, maar in het noorden en oosten zijn ze minder vaak te vinden. In België is de situatie vergelijkbaar, waar ze vooral in bossen en tuinen voorkomen.
De Tuinfluiter staat op de rode lijst als een soort die kwetsbaar is in Nederland. De trend vertoont een lichte afname, voornamelijk door habitatverlies en verandering in landbouwpraktijken. Verdere bedreigingen zijn predatie door huisdieren en verstoring van broedgebieden.