Procyon lotor
Wasberen zijn te herkennen aan hun grijsbruine vacht, zwart-witte masker rond de ogen en hun grote, schuilende staart met zwarte ringen. Volwassen wasberen wegen gemiddeld tussen de 5 en 10 kilogram en hebben een lichaam dat 60 tot 90 centimeter lang is, exclusief de staart. Er is geen significant verschil in uiterlijk tussen mannetjes en vrouwtjes, maar vrouwtjes zijn vaak iets kleiner. Ze kunnen verward worden met andere dieren zoals de European polecat of de bunzing, maar de gestructureerde snuit en het gezichtsmasker maken de wasbeer herkenbaar.
Wasberen zijn opportunistische eters en hun dieet omvat fruit, noten, insecten, en zelfs kleine zoogdieren. Ze komen voor in een breed scala aan leefgebieden, van bossen tot stedelijke gebieden. Wasberen zijn meestal solitair, maar kunnen in kleine groepen voorkomen, vooral tijdens de voortplantingsperiode. De voortplanting vindt meestal plaats in de lente, waarbij vrouwtjes 2 tot 5 jongen kunnen krijgen na een draagtijd van ongeveer 63 dagen. Er is geen trekgedrag vastgesteld; wasberen blijven doorgaans in dezelfde regio.
In Nederland en België zijn wasberen voornamelijk te vinden in het oosten en zuiden van beide landen, vooral in bossen, parken en nabij wateren. Ze zijn relatief recent in deze gebieden verschenen, met een toenemende populatie sinds de jaren '90. Wasberen zijn niet zeldzaam en worden steeds vaker gezien, hoewel ze nog niet in heel Nederland en België verspreid zijn. Het is vooral in landelijke gebieden en de rand van stedelijke centra dat ze het vaakst worden waargenomen.
De wasbeer is geen beschermde diersoort in Nederland en België en wordt als niet bedreigd beschouwd. De populatie is de afgelopen jaren toegenomen, wat zorgen kan oproepen over de impact op lokale ecosystemen. Bedreigingen zijn er voornamelijk in de vorm van verkeersongelukken en jacht ter bescherming van inheemse soorten. Daarnaast kunnen ze ook last hebben van ziekten die van invloed zijn op hun populatie.