Porzana porzana
De Porseleinhoen heeft een lengte van ongeveer 24 tot 28 cm en een spanwijdte van 50 tot 60 cm. De vogel is slank en heeft een relatief lange nek en een korte staart. Het verenkleed is bruin met een kastanjebruine onderzijde en een groene kop. Er zijn geen duidelijke verschillen tussen mannelijke en vrouwelijke vogels; jongen hebben een meer grijzige kleur en zijn minder uitgesproken in het patroon. De Porseleinhoen kan worden verward met andere rallen zoals de Waterhoen en de Kleinste Ral, maar de Porseleinhoen is doorgaans kleiner en heeft een meer gelijkaardige vorm.
Porseleinhoenen leven voornamelijk in rietvelden, moerassen en wateren met dichte vegetatie. Ze voeden zich met zaden, plantendelen, insecten en kleine ongewervelden. De broedtijd valt tussen mei en juli, waarbij het nest van plantenmateriaal en riet meestal dicht bij het water wordt gebouwd. De soort kan migreren, hoewel de mate van trekgedrag afhankelijk is van de locatie en weersomstandigheden.
In Nederland komt de Porseleinhoen verspreid voor in verschillende natuurgebieden met geschikte waterstructuren, vaak in de kustgebieden en Gelderland. De soort is niet bijzonder algemeen en wordt als vrij zeldzaam beschouwd, vooral in het binnenland. In België is de soort ook zeldzaam, met enkele populaties in moerassen en wetlands. Het beste moment om deze vogel waar te nemen is tijdens het broedseizoen, wanneer males actief roepen.
De Porseleinhoen staat op de Nederlandse en Belgische Rode Lijst en wordt als kwetsbaar beschouwd. De populatie gaat in sommige gebieden achteruit door habitatverlies door drainage en waterbeheer, alsook door verstoring van broedplaatsen. Beschermingsmaatregelen zijn gericht op het behoud en herstel van moerasgebieden en het verbeteren van hun leefomgeving.