Panurus biarmicus
De Baardman heeft een formaat vergelijkbaar met dat van een huismussen, met een lengte van ongeveer 14-15 cm. Het mannetje heeft een karakteristiek gezwarte baard en een kastanjebruine vleugel. Vrouwelijke Baardmannen zijn minder opvallend en hebben een meer egaal bruin kleurpatroon. Jongere vogels lijken op vrouwtjes maar zijn vaak iets lichter. Deze soort kan soms verward worden met de Snor of de Rietzanger, maar de Baardman is met zijn baard en opvallende zang goed herkenbaar.
De Baardman leeft voornamelijk in rietmoerassen, waterrijke gebieden en langs rietkragen. Het dieet bestaat voornamelijk uit insecten en zaden. De voortplanting vindt plaats in de lente, met een nest gebouwd uit rietstengels dat in de vegetatie wordt geplaatst. De soort is bekend om zijn karakteristieke zang, die voornamelijk door mannetjes wordt geproduceerd. Er is weinig bekend over trekgedrag, maar veel Baardmannen blijven het hele jaar in hun leefgebied.
In Nederland komt de Baardman voor in de rietvelden van met name de Oostvaardersplassen en de Biesbosch, hoewel de soort minder algemeen is geworden. Zowel in de zomer als winter kunnen ze worden waargenomen, maar zijn ze vooral zichtbaar tijdens het broedseizoen van april tot augustus. De soort wordt als zeldzaam beschouwd, met de laatste jaren een afname van hun aantallen door habitatverlies.
De Baardman staat als kwetsbaar op de Rode Lijst van vogels in Nederland en is beschermd onder de Vogelrichtlijn van de Europese Unie. De trend laat een afname zien door verlies van leefgebied, voornamelijk door drainage van moerassen en rietvelden. Invloed van verstedelijking en intensieve landbouw dragen ook bij aan de bedreigingen voor deze soort.