Nymphalis polychloros
De Grote vos heeft een opvallend oranje kleurpatroon met zwarte vlekken, wat het een herkenbare verschijning maakt. De mannetjes zijn meestal iets kleiner dan de vrouwtjes en hebben een meer uitgesproken kleurenpatroon. Jonge exemplaren kunnen echter een meer gedempte kleur hebben. Deze soort kan verward worden met de St. Jansevogel, maar de Grote vos heeft een opvallendere aanwezigheid van de zwarte vlekken en een meer afgeronde vleugelvorm.
De Grote vos komt voor in verschillende leefgebieden zoals gematigde bossen, randen van bossen en parken. De vlinder voedt zich voornamelijk met nectar van bloemen. Vrouwtjes leggen hun eitjes op de bladeren van brandnetels, waar de rupsen zich ontwikkelen. De soort overwintert als volwassen vlinder, vaak verborgen in schuilplaatsen zoals schuren of onder takken. Er is geen significant trekgedrag bekend voor deze soort.
In Nederland en België is de Grote vos te zien van het vroege voorjaar tot laat in de herfst. Hij is vooral aanwezig van mei tot september, waarbij meerdere generaties kunnen voorkomen. Deze soort is niet bijzonder zeldzaam en komt in de meeste gebieden voor, met een voorkeur voor bossen en parken met voldoende nectarhoudende planten.
De Grote vos heeft geen specifieke beschermingsstatus en is redelijk algemeen in Nederland en België. De trend is over het algemeen stabiel, hoewel habitatverlies door verstedelijking en landinrichting een bedreiging kan vormen. Voor deze soort zijn er momenteel geen specifieke beschermingsmaatregelen bekend.